Veelgestelde vragen

Hieronder vind je een aantal veelgestelde vragen. Staat jouw vraag er niet bij? Neem gerust contact met ons op via info@energiea16.nl

Energie A16 is een samenwerking van drie lokale energiestichtingen STED, STEM, Windcent, vier dorps- en wijkraden in Breda, de gemeenten Breda, Drimmelen, Moerdijk en Zundert, de provincie Noord-Brabant en BOM Renewable Energy.

Een fonds is opgericht om de lokale energieprojecten en de Burenregeling uit te voeren: het Participatiefonds Wind A16. Deze is opgericht door BOM Renewable Energy, in samenwerking met de betrokken stichtingen en de gemeente Breda.

Lees hier meer over de partners van Energie A16.

 

Volgens afspraken met het Rijk zorgt Brabant in 2020 voor 470,5 MW aan windenergie. Hiervoor worden verschillende projecten en maatregelen ingezet. De 28 windmolens van Energie A16 wekken samen naar schatting een vermogen op dat gelijk staat aan het verbruik van minimaal 100.000 huishoudens. Ze zetten daarmee echt zoden aan de dijk.

De doelstelling van de provincie Noord-Brabant is om in 2030 50% van alle opgewekte energie in Brabant duurzaam op te wekken. En de ambitie voor 2050 is zelfs 100%. 

Lees hier meer over het energiebeleid van de provincie Noord-Brabant.

De 28 windmolens van Energie A16 wekken samen naar schatting een vermogen op dat gelijk staat aan het verbruik van minimaal 100.000 huishoudens. De stroom wordt niet alleen lokaal verkocht, maar ter vergelijking: in de vier betrokken gemeenten zijn ongeveer 126.000 huishoudens. 

De regio West-Brabant heeft indertijd de provincie Noord-Brabant een bod gedaan om 200 MW windenergie op te wekken, waarvan 100 MW langs de A16 in de vier betrokken gemeenten (Breda, Drimmelen, Moerdijk en Zundert). De omgeving is tussen 2016 en 2019 intensief betrokken om mee te praten over het aantal en de locaties van de windmolens. Op basis van procesparticipatie is gekomen tot 11 varianten in 2017. Voor al die varianten is een milieueffectonderzoek opgesteld. Eind 2017 is een variant vastgesteld (het voorkeursalternatief) bestaande uit 28 windmolens verdeeld over vijf clusters. In het voorjaar van 2018 is dit voorkeursalternatief vastgelegd in het Inpassingsplan Windenergie A16. Ook zijn er toen overeenkomsten gesloten met de verschillende ontwikkelaars van de windmolens.

Bekijk hier de tijdlijn van Energie A16, vanaf 2015. 

Bij de planvorming is uitgebreid onderzoek gedaan naar de effecten van de windmolens langs de A16 op vogels. De conclusie is dat de windmolens niet leiden tot negatieve effecten op de instandhouding van betrokken soorten vogels. Zie hiervoor het document Onderbouwing aanvraag Wnb-ontheffing sterfte van vogels Windpark A16‘. Op die pagina zijn drie rapporten over vogelonderzoeken te vinden. De Commissie m.e.r. heeft een positief advies gegeven over het milieueffectrapport en bijbehorende onderzoeken voor de windmolens langs de A16. 

Als de windmolens draaien, wordt een jaar lang gewerkt met een detectiesysteem voor vleermuizen. Afhankelijk van de uitkomsten van het detectiesysteem, worden maatregelen getroffen om sterfte van vleermuizen tegen te gaan. 

Er zijn verschillende windparken met windmolens en verschillende ontwikkelaars.

  • Windpark Klaverspoor: Vattenfall
  • Windpark Streepland: Goede Buren (Windunie, Greenchoice, Meewind)
  • Windpark Zonzeel: Pure Energie, Eneco, Traais Energie Collectief
  • Windpark Nieuwveer: Nieuwveer BV
  • Windpark Galder: Pure Energie
  • Windpark Hazeldonk Oost: Izzy Projects
  • Windpark Hazeldonk West: Business Centre Treeport, Pure Energie, Eneco
  • Windmolen de Waaijenberg: De Waaijenberg BV

Waar de windmolens staan en bij wie je terecht kunt, vind je hier.

26 van de 28 windmolens hebben een tiphoogte van 210 meter. De overige 2 windmolens, die worden geplaatst op Hazeldonk Oost onder Breda, hebben een tiphoogte van 150 meter. Ter vergelijking: de hoogste windmolen van Nederland is de Haliade X van 260 meter die op de Tweede Maasvlakte staat.

In het planproces zijn verschillende mogelijkheden van typen windmolens, clusters en locaties onderzochtwaar omwonenden in 2016 en 2017 intensief bij betrokken zijn. Voor 11 varianten is een milieueffectrapport opgesteldHet huidige plan met 28 windmolens verdeeld over 5 clusters langs de A16 bleek de meest gunstige variant. Het belangrijkste criterium vanuit de omgeving bij de keuze voor deze variant was geluid. Deze variant leidde tot de minste geluidsoverlast. 

Uiteraard is geluidsoverlast afhankelijk van meerdere factoren: hoe ver je woning van een windmolen af staat, hoe de wind staat, hoe je het geluid beleeft. Uit gesprekken met de omgeving tijdens het proces om te komen tot het huidige plan met 28 windmolens verdeeld over 5 clusters, bleek geluid het belangrijkste criterium. Deze variant leidde dan ook tot de minste geluidsoverlast. 

Toch is geluidsoverlast mogelijk. Mensen die dicht bij een windmolen wonen, binnen een geluidscontour van 42-47 dB, komen mogelijk in aanmerking voor de Burenregeling. 

Waarom is gekozen voor de geluidscontour tussen 42 en 47 dB?
Voor deze ruimte is gekozen omdat binnen de 47 dB de woningeigenaren expliciet toestemming moeten geven voor het plaatsen van een windmolen, en de ontwikkelaars daartoe (vaak financiële) afspraken maken met deze groep. De grens van 42 dB is gekozen omdat buiten deze geluidscontour er geen sprake meer is van structurele geluidsoverlast.

Naar verwachting draaien alle windmolens eind 2022.

Om de windmolens te kunnen ontwikkelen en bouwen is veel geïnvesteerd. Negen verschillende ontwikkelaars zijn hierbij betrokken. En daarnaast heeft ook BOM (Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij) Renewable Energy geïnvesteerd zodat 25% van de windmolens in lokale handen is. Op die manier kan het rendement van de windmolens door een daarvoor opgericht fonds, het Participatiefonds Wind A16, investeren in lokale energieprojecten. In 2022 wordt nader onderzocht hoe en aan wie de stroom verkocht zal worden uit dit kwart aandeel. 

Een kwart van het rendement, 25%, investeren we in lokale energieprojecten.

Lees hier meer over de lokale energieprojecten, en hier over hoe je zelf kunt bijdragen.

Er zijn verschillende regelingen en projecten:

We overwegen de mogelijkheid van financiële participatie voor omwonenden vanaf het moment dat er inkomsten uit de windparken komen (door de verkoop van stroom). We verwachten daar in de tweede helft van 2024 nader over te berichten.

De komst van de windmolens van Energie A16 kan mogelijk negatieve gevolgen voor je hebben. Zo kan je huis of grond bijvoorbeeld minder waard worden. Deze gevolgen heten formeel ‘planschade’. Als dit op jou van toepassing is, en je voldoet aan een aantal voorwaarden, kun je mogelijk recht hebben op een tegemoetkoming in planschade.

Een planschadeclaim kun je indienen tot 5 jaar na het onherroepelijk worden van het plan (voor de windmolens van Energie A16 tot 2 december 2025).

Een aantal ontwikkelaars van de windmolens van Energie A16 doen pro-actief een planschade aanbod naar omwonenden. Heb je niets ontvangen en denk je wel recht op planschade te hebben? Dan kun je terecht bij de ontwikkelaar die de windmolen in jouw omgeving bouwt. Ook kun je altijd contact opnemen via info@energiea16.nl hierover.

Je vindt via deze link meer informatie. Ook is er een presentatie beschikbaar over dit onderwerp.

In de vergunning staat dat de windmolens na 25 jaar moeten worden weggehaald door de exploitant. Hoewel de windmolens dan verouderd zijn, kunnen ze nog een flink aantal jaren mee. Daarom worden ze vaak verkocht aan partijen in het buitenland waar ze een tweede leven krijgen.

De CO2-uitstoot van windenergie is erg laag ten opzichte van andere elektriciteitsbronnen. De uitstoot valt in het niet bij fossiele bronnen als kolen of gas. Een windmolen levert gemiddeld in de eerste zes maanden al evenveel energie op als dat de productie en bouw ervan heeft gekost. 

Via deze link kun je je inschrijven voor een kwartaalnieuwsbrief.

Vragen over lokale energieprojecten

Woon je in Breda, Drimmelen, Moerdijk of Zundert? Dan kun je op termijn meedoen aan lokale energieprojecten die grofweg gaan over twee onderwerpen:

  • Energie opwekken
  • Energie besparen

Deze projecten worden gefinancierd vanuit een kwart van het rendement uit de windmolens. Hieronder vind je de 4 meest gestelde vragen over deze projecten.

De 50% lokaal eigendom die regelmatig in het nieuws verschijnt, gaat over lokaal eigendom waarbij mensen zelf eigenaar worden en dus ook zelf moeten investeren. Het risico bestaat dat vooral omwonenden met een gevulde spaarpot meedoen. Daarbij is 50% lokaal eigendom een ambitie, een streven om voor nieuwe opwekprojecten in 2030 gerealiseerd te hebben. Deze ambitie is juridisch nog niet afdwingbaar door overheden en het is ook nog niet bekend of 50% haalbaar is. De 25% die Energie A16 investeert, is geen ambitie, maar een harde afspraak. 

We zijn in 2021 gestart met de voorbereiding. Hiervoor zijn beperkte middelen beschikbaar uit onder meer een OPZuid subsidie. Voor de realisatie van de projecten is ook het rendement uit de windmolens nodig. Dat rendement komt pas na 2023 beschikbaar, als de windmolen een jaar draaien. Om toch eerder te kunnen starten zetten we crowdfunding op. Daarmee kunnen inwoners van Breda, Drimmelen, Moerdijk en Zundert financieel participeren in de windmolens. Inwoners kunnen obligaties kopen en krijgen daarvoor een vaste rente. Daardoor kunnen we als Energie A16 de opbrengst van de obligaties gebruiken om eerder te starten met de lokale energieprojecten. De terugbetaling en rente komt uit het rendement van de windmolens.

Mensen die thuis aan de slag willen met duurzame maatregelen, moeten naast technische kennis een flinke spaarpot hebben en ook nog hun weg weten te vinden in het grote aanbod van technische oplossingen, subsidies, initiatieven en projecten. Energie A16 investeert in een aanpak waarbij mensen geholpen worden met een goed advies, met een passend aanbod van maatregelen op maat, met financiering van de maatregelen, en met nazorg. Een aanpak waar iedereen, jong en oud, gevulde spaarpot of niet, gebruik van kan maken.

We gaan aan de slag met het inrichten van een coöperatieve organisatie die lokale collectieve zonne-energieprojecten, via de Postcoderoosregeling, mogelijk gaat maken in de buurten en wijken die dat willen. Voor de eerste 5 lokale collectieve zonprojecten in de testperiode denken we aan zonnedaken op een schoolgebouw, ontmoetingscentrum, kerk, bedrijfspand of sportcomplex. Zichtbaar en toegankelijk, juist ook voor mensen die niet beschikken over een eigen woning of eigen geschikt dak.

Het kwart rendement uit de windmolens wordt besteed binnen de gemeentegrenzen van de betreffende windmolens. Zo wordt het rendement van de Bredase windmolens besteed aan Bredase energieprojecten, het rendement van de Drimmelse windmolens wordt besteed aan Drimmelse energieprojecten, Moerdijks rendement wordt besteed aan Moerdijkse projecten en het Zundertse rendement aan Zundertse projecten.

Zelf investeren in duurzame maatregelen levert eigenlijk altijd een energiebesparing op, die ook bijna altijd tot een kostenbesparing leidtZo lang je woning nog niet van het gas af isloont het dan ook om zelf maatregelen te treffen zoals isolatie of het leggen van zonnepanelenMeer informatie vind je via je gemeente.

Wil je meer informatie over deze projecten? Of over hoe de windmolens een bijdrage leveren aan de lokale energietransitie? Ga dan naar de pagina over de energietransitie lokaal.

Ben je benieuwd naar welke duurzame maatregelen je kunt treffen in jouw woning? Wil je op een andere manier bijdragen aan de energietransitie? Of wil je meer informatie over hoe jouw gemeente werkt aan de energietransitie? Kijk dan op deze pagina naar waar je terechtkunt in jouw gemeente.